Volledig scherm
Vanwege een kuitbeenbreuk is het seizoen voor schaatser Stefan Westenbroek nog niet begonnen. © Kristian Giesen

Tegenslag voor topsprinter Westenbroek

SCHAATSENAls tweedejaars B-junior en Nederlands kampioen op diverse sprintonderdelen zit het nu even tegen voor Stefan Westenbroek. De Ommenaar (17) kan nog lachen, maar soms baalt hij vreselijk als hij zijn ploeggenoten ziet trainen en wedstrijden rijden. ,,Ik probeer er wel bij te blijven, maar ik sta liever zelf op het ijs dan alleen maar filmpjes te maken.”

Op 15 juni deed Westenbroek, die ook een aardig balletje kan trappen, mee met een training van JCO, de gezamenlijke jeugdafdeling van OVC’21 en OZC. ,,Ik wilde met een sliding een bal proberen te halen. Mijn voet bleef steken en aan de andere kant van het veld hoorden ze allemaal een harde knak. Ja, dan weet je dat het mis is: kuitbeen gebroken. In het ziekenhuis zeiden ze dat het een mooie breuk was en dat ik een week later maar moest terug komen. Toen bleek die breuk toch niet zo mooi te zijn. Ik werd geopereerd en kon mijn been weer langzaam belasten.”

Toch wilde het niet vlotten. Van de ene blessure kwam de andere. Westenbroek kreeg last van zijn knie, omdat hij anders moest lopen. ,,Fietsen gaat inmiddels weer goed, ik kan makkelijk twee uurtjes hard doortrappen. Lopen gaat nog niet geweldig en ook moet ik rustig aan doen met krachttraining. Een spier aan zijkant van het dijbeen is ook verslapt. Met fysiotherapie moet het nu snel beter worden, en dan hoop ik dat ik begin november op het ijs kan staan.”

Veel mensen hadden hem gewaarschuwd om niet te gaan voetballen. ,,Maar ik heb er geen spijt van”, zegt Westenbroek. ,,Dit had ook met mountainbiken kunnen gebeuren. Of je klettert van de fiets. Ik mag graag voetballen, het is gewoon jammer dat het dan gebeurt.”

Steun

Zijn ouders steunen hem. Vader Jack moet wel zijn voeding in de gaten houden. ,,Als Stefan vorig jaar de hele week had getraind, wilde hij ‘s avonds nog wel eens zes tot acht boterhammen naar binnen schrokken. Dat moet hij nu niet doen, die kilo’s moeten er straks namelijk ook af. Voor ons is het ook wennen, we hoeven nu niet meer vier keer in de week naar de ijsbaan. Dat scheelt een boel benzine, maar we deden het graag. Ik hoop dat hij deze winter nog het ijs op kan, anders kan het zomaar een verloren jaar zijn.”

Hoe komt Westenbroek uit deze strijd? Vorig jaar zei Erben Wennemars al ‘dat er een keer een tegenslag zou komen’. ,,Dan laat je zien hoe sterk je bent”, voegde de ex-topsprinter daar aan toe.

Aan de grijns van Westenbroek te zien, komt dat wel goed. Hij heeft al enkele data in zijn geheugen staan. ,,Mijn techniek kan nog wel iets beter, maar dat zal niet snel verdwijnen. Ik heb alleen nog wat conditie en kracht nodig. Ik geef niet zomaar op, al duurt het me wel te lang.”