Dit is waarom je Nederland wél een demonstratieland mag noemen

VideoTekenen we tegenwoordig liever een online petitie vanuit onze luie stoel dan dat we met spandoeken de straat opgaan? Volgens Jacquelien van Stekelenburg, professor in sociale veranderingen & conflict aan de Vrije Universiteit Amsterdam, is dit absoluut niet aan de hand. Zij vertelt je in dit college bij de Universiteit van Nederland* hoe de aard van demonstreren is veranderd en waarom de ene demonstratie wel en de ander niet van de grond komt.  

Vanuit de wetenschap zijn er heldere richtlijnen die een demonstratie omschrijven. Het is ten eerste een vorm van collectieve actie: mensen uiten in groepsverband hun onvrede en ageren daarbij tegen de gevestigde orde. Denk bijvoorbeeld aan de lerarenprotesten van afgelopen maart waarbij tienduizenden leraren zich verzamelden op het Malieveld. Dit doen ze namens een grotere groep mensen: niet álle leraren stonden die dag in Den Haag. Demonstreren is dan ook een vorm van ‘minderheidsgedrag’. Daarnaast is een demonstratie vaak politiek van aard en kun je al van een officiële demonstratie spreken als er twee of meer mensen aanwezig zijn.

Golfbewegingen

Quote

Zowel politie als demonstran­ten weten beter hoe er gedemon­streerd moet worden

“Journalisten vragen mij vaak: hoe komt het toch dat we minder vaak de straat op gaan? Zijn we demonstratie-moe? Een zelfgenoegzame generatie?”, vertelt Van Stekelenburg. Uit cijfers blijkt dit echter niet het geval: we demonstreren nog evenveel als in de roerige jaren zestig. Het afgelopen jaar is 5 tot 10 procent van de Nederlanders de straat opgegaan en alleen al in Amsterdam werden vorig jaar meer dan duizend demonstraties aangevraagd. Wel is het zo dat demonstraties in golfbewegingen plaatsvinden: in sommige periodes, zoals in de jaren 60 of rondom de economische crisis in 2009, komen ze vaker voor.

We zijn dus niet minder gaan demonstreren. Wel is de aard van protest veranderd. Tijdens de studentenprotesten van de jaren 60 liepen demonstraties vaak uit op rellen. Inmiddels zien we dat niet meer gebeuren. Dit komt omdat we steeds ‘beter’ zijn geworden in demonstreren. “Zowel politie als demonstranten weten beter hoe er gedemonstreerd moet worden”, aldus Van Stekelenburg.

Vraag en antwoord

Hoe een goede demonstratie vervolgens van de grond komt, wordt mede bepaald door het model van vraag en aanbod. De vraag wordt gevormd door ontevreden mensen, het aanbod door protestacties die op touw worden gezet door bijvoorbeeld vakbonden en milieuorganisaties. Een voorwaarde is wel dat er eerst overeenstemming is over het gemeenschappelijke doel of probleem, daarna kan er gedemonstreerd worden.

Aanbod is dus belangrijk om een protest tot stand te brengen. Maar met een grote groep sympathisanten ben je er nog niet. “Om te weten wie naar een demonstratie gaan, kunnen we het ‘watervalmodel’ toepassen”, vertelt Van Stekelenburg. Sympathisanten moeten om te beginnen op de hoogte zijn van de demonstratie, anders komt er niemand opdagen. Vervolgens moeten ze de tijd vrijmaken om er naartoe te komen en moeten ze praktische zaken als vervoer en vrije tijd op orde hebben. Als je dit watervalmodel toepast, zal uiteindelijk vijf tot zes procent van de sympathisanten daadwerkelijk bij de demonstratie zijn.

Volledig scherm
© Shutterstock

Sociale media

Bij de demonstraties van nu spelen sociale media tenslotte een belangrijke rol. Je kunt in no-time sympathisanten organiseren en hen vervolgens op de hoogte stellen via een georganiseerd events. Van gele hesjes tot klimaatspijbelaars: ze zijn allemaal online georganiseerd. Onderzoek heeft daarbij aangetoond dat hiermee ook een geheel nieuwe groep demonstranten is ontstaan die de straat op gaat. Deze groep is gemiddeld lager opgeleid, jonger en wat cynischer over de politiek. Zij voegt zich naast de bestaande demonstrant: de politiek links georiënteerde burger die hoog opgelei is. “Steeds meer verschillende groepen laten van zich horen”, aldus Van Stekelenburg. “En dat is heel goed nieuws!”

*Dit is een wekelijkse bijdrage van de Universiteit van Nederland

De Universiteit van Nederland heeft ook een podcast. Vind afleveringen terug op Spotify (http://bit.do/UvNL-Spotify) en iTunes (http://bit.do/UvNL-iTunes).

Bekijk hieronder meer colleges van Universiteit van Nederland:

  1. Schatrijke Arabier laat voor drinkwater ijsberg van Zuidpool naar emiraat slepen

    Schatrijke Arabier laat voor drinkwater ijsberg van Zuidpool naar emiraat slepen

    Abdulla Alshehi, een zakenman uit de Verenigde Arabische Emiraten (VAE), heeft een plan ontwikkeld om een ijsberg vanaf de zuidpool naar het emiraat Fujairah te laten slepen. Het bevroren megablok – 2 kilometer lang, 500 meter breed, 400 meter hoog en nog eens 600 meter onder de zeespiegel – moet het golfstaatje van vers drinkwater voorzien. Eind dit jaar begint een test met een kleine ijsberg die met een schip naar Kaapstad in Zuid-Afrika of anders Perth in Australië zal worden getrokken. Kosten van die proef: een slordige 62 miljoen euro.