Volledig scherm
Jan Vayne. Foto Tom van Dijke

Onuitroeibaar imago van Jan Vayne

ZWOLLE - Mensen zien hem steevast als een gladde ijdele man die veel tijd besteedt aan zijn lange haren. Pianist Jan Vayne heeft bij vlagen last van dit onuitroeibare imago. De meeste tijd maakt hij zich echter niet druk om wat mensen van hem denken.

Zijn manen die langzaam grijs worden, verft hij niet. Ook kammen en wassen doet hij gewoon een keer per week. En eens per jaar bezoekt hij een kapper. Als de lokken eraf moeten, uit praktische overwegingen, zal Vayne er niet rouwig om zijn.

Hij begrijpt wel hoe het vooringenomen beeld van hem is ontstaan. De Head&Shoulders-reclame vijftien jaar geleden, heeft Vayne veel bekendheid gegeven maar werkte ook tegen hem. "Ik stond zakelijk nauwelijks op eigen benen en wist niet waaraan ik begon. Van de impact had ik geen flauw idee. Hoe snel je een karikatuur van jezelf kunt worden. Het beeld ging nog wel maar de tekst die ik moest uitspreken, was niet om aan te horen. Nee, ik herhaal het niet. Als de commercial voorbij kwam, stopte ik mijn oren dicht."


Tevreden is hij over de Unoxworst-reclame uit 2008. Een treffende persiflage waarin Vayne met kale kop verschijnt, een eerste relativering van zijn gelikte imago. "Aanvankelijk zag ik er niets in. Maar ik mocht me met de commercial bemoeien. Het is gelukkig een kraker geworden." Lastiger was het toen hij in hetzelfde jaar werd uitgeroepen tot de meest sexy vegetariër. "Ik moest aan de reclamecodecommissie gaan uitleggen hoe ik Unoxworst combineer met een vleesloos bestaan." Vayne was er snel klaar mee. "Ik had meteen tegen Stichting Wakker Dier gezegd dat ik zo en dan vlees eet. Maar ze waardeerden al dat ik een bewuste (vlees)eter ben. Ook een unoxworst eet ik bewust en met mate. Geen probleem lijkt me."

De pianist verschijnt niet vaak meer voor de camera. Hij mijdt media-aandacht. Even functioneel pianospelen en improviseren, zoals laatst met cabaretier Mike Boddé in DWDD, vindt hij oké.



Praten over zichzelf, ervaart Vayne als een gruwel. Sinds Vayne het contract met zijn platenmaatschappij verbrak, kan hij zijn eigen weg bepalen. Als hij niets wil doen, doet hij niets. Drie of vier optredens per week vindt de musicus voldoende. In de jaren negentig was er een overdosis belangstelling voor zijn persoon. Ook de boulevardpers lag constant op de loer."Ik ben een man van de achtergrond. Elke keer als ik een nieuw programma heb, moet ik mezelf dwingen op de voorgrond te treden. Ik ben mijn eigen product en moet mezelf helaas soms verkopen."


Vayne loopt haastig door het koude kerkje in Kampen, de St. Annakapel aan de Broederweg. "De akoestiek is hier prachtig, alsof je in een concertzaal staat." Het monument dreigde in handen te vallen van verkeerde mensen. De eigenaren kwamen met het verzoek of Vayne het niet kon kopen. De pianist hoefde niet lang na te denken. Wat hij ermee ging doen, wist hij niet. Financieel was het mogelijk. "Ik heb genoeg, maar ben ook gelukkig met minder."

Vanaf zijn negende begeleidde Vayne al kerkdiensten in het Drentse Zuidwolde, zijn geboorteplaats. Hij droeg zijn haren toen al over de schouders. "Van mijn moeder hoefde ik nooit naar de kapper. Soms begint hij iets te vertellen, maar dan onderbreekt hij zichzelf: "Schrijf dat nou niet op, ik hoor mezelf praten. Wat een onzin." Voortdurend onderhandelt hij met zijn binnen- en buitenkant. "Ik haal Jan Vayne het liefst onderuit. Maai mezelf helemaal weg. Op een podium is dat niet zo slim, maar ik kan mezelf moeilijk serieus nemen. Als ik in Duitsland kom, moet ik het spel meespelen. Zo'n man kondigt me aan: Dit is wereldpianist Jan Vayne die bij de inhuldiging van Clinton heeft gespeeld. Ik zorg wel dat ik dan een pak draag maar die façade houd ik nooit lang vol."

Graag treedt hij samen op met anderen, Petra Berger, Louis van Dijk of organist Martin Mans, want "alleen is ook maar alleen". Als hij soloconcerten geeft, zoekt hij steeds vaker contact met zijn publiek. "Ik ouwehoer wat tussen het spelen door en krijg veel verzoeknummers. Het werkt als je de dialoog met de zaal snel tot stand brengt. Mensen verwachten dit niet van een pianist." Als hij eenmaal de toetsen onder zijn vingers voelt, is Vayne weg. "Dat hoeft niet op een podium te zijn. Optreden leidt niet tot geluk. Wel het spelen zelf, dan zweef ik. Het is heilzaam. Ik ben geen fanatiekeling, heb eerder de neiging tot luiheid, maar als ik speel moet het perfect zijn. Alles of niks."

Dit voorjaar komt hij met een 'spectaculair' project, met de uitersten klassieke- en housemuziek, zoals hij eerder deed met Armin van Buuren. "Ik kan er nog niet veel over zeggen en ga altijd mee in de flow. Ik laat alles gebeuren en heb een hekel aan moeilijk doen."

Vayne is als kwikzilver. Zoals hij praat en beweegt. Hij laat zich niet vastpinnen op een uitspraak of locatie. Zo pendelt hij ook het liefst tussen zijn woonplaatsen Zwolle, Amsterdam en Kampen. "Mijn basis is Zwolle maar ik kan alle kanten op." Momenteel rijdt hij in een snelle Volvo, liever toert hij in een van zijn tien oude Amerikanen. Een Cadillac uit 1957 of de Lincoln uit 1963. Ook pakt hij met plezier zijn Amerikaanse Chevy Van, "een A-teambus". De pianist is verre van technisch en met oude auto's is altijd wat; niet voor niets is hij vaste klant van de Wegenwacht. Eenmaal onderweg is Vayne in vorm. "Niemand weet waar je bent, je bent niet te vangen. Alsof je in je eigen film speelt. Alles ligt nog open."

Volledig scherm
Jan Vayne. Foto Tom van Dijke
De Stentor gebruikt je persoonsgegevens om deze reactie te kunnen plaatsen. Meer informatie vind je in ons privacy statement

In samenwerking met indebuurt Zwolle